Aan de redactie voor publieksreacties van de Volkskrant

Amsterdam, 3 juli 2006

Geachte redactie,

Met ‘het Betoog’ van zaterdag 1 juli, gaf de Volkskrant een zoveelste demonstratie van naïeve journalistiek over de aanslagen van 11 september 2001. Arnout Brouwers filosofeert in dit betoog over de twijfel, de onzekerheid en de kwetsbaarheid die sinds de aanslagen de westerse wereld heeft overvallen. Zo’n grote terreurdaad met zulke eenvoudige middelen! Dat westerlingen hiermee nog steeds geen raad weten blijkt wel door, zoals Brouwers het zelf formuleert, “een subcultuur van ‘gelovigen’, die weten dat 11-9 eigenlijk is uitgevoerd door de Amerikaanse veiligheidsdiensten zelf (…)”.
Het is niet de eerste keer dat redacteuren van de Volkskrant zich met een misplaatst dédain uitlaten over een kwestie waarin zij juist een hoofdrol zouden moeten vervullen. Over de gebeurtenissen op die 11e september wordt inderdaad druk gespeculeerd op fora, websites en nieuwsgroepen wereldwijd. Zoals gezegd: dat zijn mensen uit alle lagen van de bevolking. Deze groep is snel groeiende. Het grote aantal vragenstellers dreigt zelfs een politieke factor te gaan worden. Zo besloot de Amerikaanse overheid onlangs om nieuwe beelden vrij te geven van de inslag in het Pentagon, om geruchten te weerleggen dat van een vliegtuig geen sprake zou zijn. Ook op die nieuwe opnamen was echter niets te zien, waarmee de overheid aangeeft flink met de kwestie in de maag te zitten. Een loos statement werkt immers averechts.
Als men de hoeveelheid kritiek als een probleem gaat zien, waarom blijft men dan weigeren om vragen te beantwoorden die zozeer voor de onrust zorgen? En waarom gaan journalisten daar niet op in, in plaats dat ze jacht blijven maken op de boodschappers door ze af te schilderen als idioten? Brouwers spreekt over een sekte met volgelingen, van academici tot automonteurs. Een gelovige is iemand die waarheden op gezag accepteert, maar lijkt deze kwalificatie niet eerder van toepassing op het journaille?
Hoe is het bijvoorbeeld mogelijk dat NORAD (North American Aerospace Defense Command) na de eerste melding van een kaping, in het belangrijkste gebied van de VS (financieel-, militair- en regeringscentrum), zelfs na 58 minuten nog geen gevechtsvliegtuig operationeel had? Volgens de officiële lezing vloog een uur na de eerste melding het derde toestel in een gebouw, een zojuist gerenoveerde vleugel van het Pentagon. Toen na zelfs anderhalf uur vlucht 93 neerstortte boven Shanksville, Pennsylvania, was er nog steeds geen gevechtstoestel ter plaatste! Wat is er ‘gelovig’ aan om daarover antwoorden te eisen, wetende dat volgens het militaire protocol binnen twintig minuten na een melding gevechtstoestellen ter plaatse zouden moeten zijn? Wetende dat dit in voorgaande gevallen ook steeds het geval is geweest.
Zo zijn er nog vele vragen die beantwoord moeten worden. Is het dan niet bizar dat aan journalisten moet worden gevraagd om deze zaak eens grondig uit te zoeken, vast te bijten en nooit meer los te laten tot alles duidelijk is? Dat is toch de voornaamste taak van de journalistiek, zorgen voor een betrouwbare nieuwsweergave?
Het is hoog tijd dat journalisten niet langer blijven kwebbelen over de vragenstellers, maar zich met de vragen zelf gaan bezighouden.

Met vriendelijke groet,
Frank Ho

http://www.waarheid911.nl